CRAFT: afschaffing kleinbrouwerstarief duwt kleine brouwerijen over de rand
08 september 2026 om 08:06
Het kabinet wil het kleinbrouwerstarief afschaffen, de accijnskorting voor kleine brouwerijen. Branchevereniging CRAFT noemt de maatregel onnodig: hij levert de schatkist hooguit 2 miljoen euro op, terwijl kleine brouwerijen er duizenden euro's per jaar op achteruitgaan.
Wat is het kleinbrouwerstarief?
Nederland kent sinds 2024 twee accijnstarieven voor bier. Brouwerijen die meer dan 200.000 hectoliter per jaar brouwen betalen het hoge tarief van €8,12 per alcoholpercentage per hectoliter. Brouwerijen die daar onder blijven betalen het lage tarief van €7,51. Dat verschil van 7,5 procent is het kleinbrouwerstarief.
Die korting is geen Nederlandse gunst, maar een mogelijkheid die de Europese accijnsrichtlijn lidstaten biedt om het schaalnadeel van kleine brouwerijen te compenseren. Lidstaten mogen tot 50 procent korting geven. Nederland kiest voor 7,5 procent en wil dat nu helemaal schrappen.
Nauwelijks opbrengst, grote gevolgen
Volgens CRAFT, de branchevereniging van kleine onafhankelijke brouwerijen, is de afschaffing geen serieuze bezuiniging. De maatregel levert de schatkist hooguit 2 miljoen euro op. Voor de rijksbegroting is dat een verwaarloosbaar bedrag, voor een kleine brouwerij kan het het verschil zijn tussen doorgaan en stoppen.
Het kabinet lijkt geen idee te hebben hoe hard dit onze branche raakt. Brouwerijen krijgen de ene lastenverzwaring na de andere voor hun kiezen. Er zijn nu al brouwerijen die hun hoofd nauwelijks boven water kunnen houden. En dan kiest de overheid er ook nog voor om juist deze ondernemers een belangrijke compensatie af te nemen. Waarom doet de overheid dit?
Aan het woord is Hans Noorman, voorzitter van CRAFT. De vereniging vertegenwoordigt ruim 95 procent van de Nederlandse brouwerijen; het merendeel daarvan brouwt minder dan 5.000 hectoliter per jaar. Op dit moment zijn 119 Nederlandse brouwerijen aangesloten bij CRAFT.
Wat het concreet scheelt
Wij rekenden het na. Zonder kleinbrouwerstarief betaalt een kleine brouwerij per alcoholpercentage per hectoliter €0,61 meer accijns. Wat dat per biersoort betekent:
Pils (5%): van €37,55 naar €40,60 per hectoliter, oftewel €3,05 per hectoliter meer.
Tripel (8,5%): van €63,84 naar €69,02 per hectoliter, oftewel €5,18 per hectoliter meer.
Voor een brouwerij van 5.000 hectoliter pils komt dat neer op ruim €15.000 extra accijns per jaar. Brouwt die brouwerij vooral zwaardere bieren, dan loopt het op richting €26.000. Dat bedrag gaat rechtstreeks van de marge af in een branche waar het rendement toch al dun is.
Voor de consument is het effect klein: ongeveer een cent per flesje van 30 cl en zo'n 22 cent per krat, exclusief btw. Precies dat is het punt van CRAFT. De maatregel is te klein om iets aan de schatkist bij te dragen en te groot voor de brouwerijen die hem moeten opbrengen.
Nederland gaf al de kleinste korting
Het contrast met de buurlanden is groot. In Duitsland en België krijgen kleine brouwerijen tot 50 procent korting op het reguliere accijnstarief, en ligt de basisaccijns bovendien fors lager. Nederland gaf 7,5 procent en gaat naar nul.
De afschaffing staat niet op zichzelf. Per 1 januari 2027 komt er ook een jaarlijkse indexatie van de bieraccijns bij en gaat de belasting op leidingwater omhoog, en water is voor een brouwerij geen bijzaak. Daarvoor gingen al de producentenbijdrage voor het statiegeldsysteem (verdubbeld) en de vrachtwagenheffing. Daar bovenop komen de gestegen kosten voor energie, grondstoffen, transport en personeel.
Juist de sociale brouwerijen worden geraakt
Klein brouwen is in Nederland vaker dan je denkt ook maatschappelijk brouwen. Een flink aantal CRAFT-leden werkt bewust met mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, en precies die brouwerijen vallen onder het kleinbrouwerstarief dat nu dreigt te verdwijnen:
Gooische Bierbrouwerij in Hilversum wil een bedrijf zijn met sociale en maatschappelijke impact en wordt in het magazijn geholpen door mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Zelf zetten ze daar meteen een streep door: “hoewel ‘afstand’ de lading niet dekt, omdat ze bij ons volwaardig aan het werk zijn”.
Maximus in Utrecht is een erkend leerwerkbedrijf met een eigen leermeester. Er stroomden inmiddels 21 leerlingen uit naar vrijwilligerswerk, een betaalde baan of een opleiding, en drie van hen kwamen in dienst van de brouwerij. Het bier Little Fred staat symbool voor dat leerwerktraject.
Praght in Dronten brouwt met mensen die buiten het reguliere arbeidsproces vallen of een zetje in de rug nodig hebben, en verzorgt dagbesteding en werk- en leertrajecten.
Rabauw in Gemert noemt zich onomwonden een sociale onderneming en werkt samen met Ergon en Futuris Zorg & Werk. In eigen woorden: “Van een rugzak maken we een cv.”
De Leckere in Utrecht werkt naar eigen zeggen al twintig jaar met collega’s met een afstand tot de arbeidsmarkt, onder meer via sociale werkplaatsen.
Wat de afschaffing daar kost, is zo uitgerekend. Gooisch Goud (5%) gaat van €37,55 naar €40,60 per hectoliter, de Gooisch Tripel (9,5%) van €71,35 naar €77,14. Niet toevallig is juist Gooisch Goud het rekenvoorbeeld waarmee wij op onze accijnspagina het lage tarief uitleggen. Bij een brouwerij waar de marge niet naar een aandeelhouder gaat maar naar begeleiding op de werkvloer, is een verhoging als deze geen boekhoudkundige ruis.
De rekening raakt ook de biercultuur
Verdwijnen kleine brouwerijen, dan verdwijnt meer dan een bedrijf. CRAFT wijst op het verlies aan werkgelegenheid en lokale economische activiteit, maar vooral op de diversiteit en de innovatie die juist van deze brouwerijen komen.
Nederland heeft een rijke biercultuur. Kleine en onafhankelijke brouwerijen hebben daar de afgelopen decennia een enorme impuls aan gegeven. Zij zorgen voor diversiteit, innovatie en lokale verbondenheid. Het kan toch niet de bedoeling zijn dat onze eigen overheid deze biercultuur eigenhandig de nek omdraait?
Hoe nu verder
CRAFT roept het kabinet op de afschaffing van tafel te halen en pleit voor het tegenovergestelde: versterk de regeling naar Duits en Belgisch voorbeeld, zodat er een gelijker speelveld ontstaat. De plannen worden op Prinsjesdag, dinsdag 15 september, gepresenteerd. Daarna moet het Belastingplan 2027 nog door de Tweede en de Eerste Kamer, dus definitief is de maatregel nog niet.